Wat verwacht je als je naar Duitsland gaat, naar Berlijn? Je verwacht brätwurst, schlager, oktoberfest (hoewel dat meer München zou zijn) en Duitsers met wat overgewicht, nog meer dan in Scheveningen. Wat je niet verwacht is een underground-technoscene waar je u, of in het duits Sie, tegen zegt, een geschiedenis vol jazz, en oorlog.
Dit is mijn verhaal over de altijd jonge stad, Berlijn.
Het is woensdagochtend, en ik ben nog brak van de vorige dag. Het was een tijd geleden dat ik mijn vrienden uit Apeldoorn had gezien, dus genoeg reden om iets langer te blijven terwijl het de volgende dag weer vroeg op was. Op het station denk je nog met je brave kop koffie dat je die extra uurtjes slaap wel even in de trein benut, maar je weet beter: binnen ga je praten, lallen en wordt je vrolijk van het ‘avontuur’ wat je te wachten staat.
Ik was één van de twee laatste die instapte, dus de groep was compleet. Het is knap dat iedereen elkaar gelijk lijkt te kennen als je samen op reis gaat, terwijl je heel weinig of helemaal niets van sommigen afweet. Je bent een team, een groep, en als student zal je dat uitstralen ook! Nog voor de grens was het eerste biertje open, en daarmee de sfeer gezet.
Eenmaal aangekomen in Berlijn gaan er een aantal dingen door je heen. Je probeert alles van de omgeving (ook al is het een treinstation) in je op te nemen, je snakt naar een sigaret, je wilt iets eten, iets drinken, je spullen in het hostel neerzetten, je omkleden en WAT IS HET HIER KOUD! Het bleek mee te vallen, verderop in de week zou het nog veel kouder worden.
Na het omkleden in het hostel, gingen we op pad om wat te eten en te drinken. Omdat de wensen voor het eten, en de plannen voor de avond voor iedereen verschillend waren, splitsten we na een biertje op in twee groepen. De ene groep wilde een bandje zien voor ze los gingen in de Tresor, wij wilden karaoke. Allebei de groepen hebben deze doelen niet behaald. Maar eerst eten! Pizzeria op een hoek van een drukke straat bij het raam, gezellig. Ik bestel een lasagne, maar krijg de soepvariant. Was wel goed voor de bodem voor die avond, eerst al het brood soppen in het lasagnevocht, en daarna de lasagne zelf. Nee, dit bestel ik nooit meer in Berlijn.
Na een barre tocht op zoek naar een karaokebar belanden we in een german pub. Dat is een ierse pub waar je zelf de gezelligheid moet brengen. Op de achtergrond staat een tv aan die alleen maar clips afspeelt. Onder andere Cliff Richard en Depeche Mode komen langs.
Kwart over heel laat spreken we af bij de Tresor met de groep, waar we op de gastenlijst staan. Er is jammer genoeg maar één zaal open, maar dat mag de pret niet drukken. Je kijkt in de Tresor, ook weer je ogen uit. De uitgaansgelegenheid is maar 10% van de totaaloppervlakte, en dat imponeert. In de danszaal kijk je door een raam naar een veel grotere hal, helemaal leeg. Je ziet de studenten denken wat ze daar allemaal voor feesten zouden organiseren, maar dankzij de muziek is erover praten erg moeilijk. Toch proberen betekent de volgende ochtend je stem kwijt.
De volgende ochtend, en ik ben mijn stem kwijt. Je wilde zo nodig praten in de club gisteravond, en je genoot zo van het feit dat je binnen mocht roken, en je hoeft niet veel te slapen. Nu ben je de stem kwijt, en dat zal je leren! Het zou blijken dat ik het niet leer.
Na een ontbijt van kaiserbrötchen met Philedelphia met kruiden en kaas gaan we op pad. We beginnen in het filmmuseum, met een glansrol voor Marlene Dietrich. Gelijk giert ‘Ich bin die fesche lola’ door mijn hoofd, en natuurlijk horen we hem voorbij komen in de aparte vleugel van Marlene. Erg interessant zo’n museum, maar je bent blij als je weer buiten staat. Gewoon voor de frisse lucht.
Berlijn heeft iets tofs, wat ook in elke nederlandse stad moet zitten. Kantines. Gewoon openbaar waar je goedkoop warm of koud kan eten. Nou wordt je ook niet warm of koud van wat ze je daar voorschotelen, maar het idee is er.
Toen maar weer, we praten nu over twee uur s’middags, terug naar de Tresor. We kregen nu een rondleiding door het gebouw en daarna uitleg van de programmeur Peter, die ons vertelde wat zijn baan inhield en wat er bij kwam kijken.
Voor het diner schoven we aan tafel in het Ballhaus, een restaurant annex dansschool. Dit gebouw blijkt vroeger een populaire uitgaansgelegenheid geweest te zijn onder nazi’s. Dat boeit me. Ik vind het aan de ene kant naar dat zulke figuren lol had waar ik nu lol heb, maar ik kan me ook indenken dat zij af en toe lol moesten hebben. Je probeert de sfeer van toen te voelen, en dankzij het ouderwetse dansen van verliefde paartjes op de dansvloer lukt dat aardig. Vroeger gingen ze niet hard op XTC of speed, vroeger gingen ze dansen tot 11 uur en snel slapen. Dagdromen over zulke avonden maakt het eten leuk.
Na het eten zijn we naar een jazzclub gegaan. Het leek wel of jazz verboden was in dit café. Als je naar binnen kijkt zie je een schoon ogend café, geheel in het wit. Witte stoelen, witte tafels, witte muren. Beneden was dan de schuilkelder, waar iedereen zat. Allemaal aan biertafels op bierbanken aan het bier te luisteren naar een jazztrio. Een compleet andere wereld. In de hoek staat een Simpsons-Pinballmachine, nog even op gespeeld. Leuke avond. Onderweg naar huis een paar drankjes gedaan in het plaatselijke rockcafé, maar dat kan achterwege gelaten worden.
Vrijdagochtend
Het is weer te vroeg, maar zo werkt het nou eenmaal. Als eerste staat op het programma de Stassi-gefangnis, een oude oost-duitse gavangenis die vol zat met nare verhalen zoals marteling, ondervraging en de reden waarom. Onderweg zagen we dat zangers en muzikanten hier werden bestraft om hun eigen mening. Elke kamer heeft een verhaal, een eigen manier van martelen, uitgestippeld om een gevangene gek te maken. Indrukwekkend.
Na dit uitstapje, wat echt een indruk heeft achtergelaten, kwam letterlijk nog een grotere indruk; der Philharmonie. Een grandioos gebouw, met twee zalen, compleet ingericht zodat de akoestiek het beste uit komt. Je moet denken aan verhoogde rugleuningen van stoelen, panelen op de muren en plafond om het geluid te geleiden, en dan ook nog rekening ermee houden dat er soms niemand in de zaal zit. Duitsers zijn goed in structuur, dat is wel duidelijk geworden. Het is overweldigend, en prachtig om mee te maken. Maak het dus mee!
Nog een uitstapje voor we kunnen gaan eten. We gaan naar een studio, met de daarbij horende kelders, die vroeger werden gebruikt om nazi’s in te laten verschuilen. De bedden staan er nog. Daarnaast worden daar feesten gegeven, ook typisch duits. Op plekken die je niet ziet, en niet verwacht feesten gaan geven. Het is grappig, zeker voor ons, waar elke kroeg een bordje heeft en elke club een lichtgevend logo.
De studio is wel leuk om te zien, maar de concentratie was weg. We worden melig, we zijn moe en we moeten nog de hele nacht. Stiekem muziek geluisterd waarvan ik zeker wist dat ik dat die avond niet meer zou horen (o.a. editors, fair to midland). Het is grappig dat je de kleine dingen als de muziekkeuze van dat moment onthoudt, maar je hebt daarna altijd een herkenningspunt.
Uitgehongerd kwamen we later op de avond aan bij het White Trash Fast Food restaurant aan. Tot nu nog steeds de meest gave tent waar ik ooit heb gegeten. Drie verdiepingen, een rockabilly-interieur, op elke verdieping een bandje, een tattooshop en eten met namen als ‘fuck off fries’ en ‘fuck the marquee-burger’. Wat een beleving.
De avond hebben we daarna voortgezet met gezellig karaoke. 15 mensen gepropt in een hokje gemaakt voor maximaal 6 personen, met foute muziek en bier is een fantastische combinatie. Uiteindelijk om 2 uur weggegaan om naar de weekend te gaan.
De weekend is ook weer een geval apart. Deze club zit gevestigd achter het alexanderplein, in een kantoorgebouw. En wel op de 12e verdieping. Dit betekent beneden de garderobe en de kassa, en dan in de lift met ‘bestuurder’ naar de twaalfde om daar te dansen en over de stad heen te kijken. Wat te gek.
Daarna met de taxi terug naar het hostel, terwijl op de radio Münchener Freiheit – Öhne dich te horen is. In het hostel met Jenna nog een tijd lang gepraat, tot we (bijna) iedereen langs ons zagen komen, op weg naar bed.
Zaterdag was vrije besteding. En dan is Berlijn best moeilijk. Moe en brak je weg vinden met de metro, de tram is niet te doen. Dingen die we zochten hebben we nooit gevonden, terwijl we langs alle toeristische attracties liepen. Lopen tot je vind wat je zoekt, dat is Berlijn. En als je dan uiteindelijk een cd-winkel hebt gevonden, ben je blij. Even snel boodschappen doen en dan terug naar Nederland.
Berlijn heeft veel geschiedenis, veel gevoel en voor mij nu ook veel herinneringen.
Tot ooit Berlijn
Maarten Verheul